vervoersvergunning
Bij tlec kunt u terecht voor de het vakdiploma transport om een vervoersvergunning aan te vragen. Wij zijn met name gespecialiseerd in het vakdiploma transport voor het goederenvervoer, maar uiteraard helpen wij u ook verder voor het vakdiploma transport in het personenvervoer.
- het vakdiploma transport voor vervoersvergunning goederenvervoer (transport ondernemer)
- het vakdiploma transport voor vervoersvergunning personenvervoer (bus ondernemer)
- het vakdiploma transport voor vervoersvergunning personenvervoer (taxi ondernemer)
Vervoersvergunningen voor beroepsvervoer in Nederland
bron NIWO
Een transportbedrijf beginnen
Wilt u een onderneming starten in het beroepsgoederenvervoer over de weg, dan moet u een Eurovergunning aanvragen bij de NIWO. Beroepsgoederenvervoer is het tegen betaling vervoeren van goederen voor derden.
De vergunningplicht geldt voor nationaal en internationaal vervoer met voertuigen met een laadvermogen van meer dan 500 kg.
Voorwaarden
U komt in aanmerking voor een Eurovergunning als u voldoet aan de volgende voorwaarden:
- Kredietwaardigheid: u toont aan over voldoende financiële middelen te beschikken voor een correcte start en voortgang van de onderneming.
- Vakbekwaamheid: u toont dit aan met een erkend vakdiploma ondernemer beroepsvervoer.
- Betrouwbaarheid: u toont dit aan met een integriteitsverklaring beroepsvervoer (IVB), die u via Justitie of de gemeente kunt aanvragen.
- Inschrijving KvK: u toont dit aan met een uittreksel van uw inschrijving in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel
Vervoersmogelijkheden
Als uw aanvraag is toegewezen, ontvangt u hiervan een beschikking. Vanaf dat moment kunt u Eurovergunningbewijzen opnemen. U ontvangt tegelijkertijd het originele exemplaar van de Eurovergunning dat op kantoor moet blijven. Het Eurovergunningbewijs gaat met het voertuig mee. Dit voertuig mag dan binnen de Europese Unie (EU) goederen gaan vervoeren voor derden, zowel binnenlands als grensoverschrijdend.
Een aantal EU-lidstaten stelt extra eisen in geval van derdelandenvervoer met niet EU-landen. In een aantal lidstaten is cabotage (binnenlands vervoer in een ander land) nog niet toegestaan. Voor vervoer op landen buiten de Europese Unie zijn meestal ook nog ritmachtigingen of een CEMT-vergunning nodig.
Geldigheidsduur
De Eurovergunning is vijf jaar geldig en kan daarna worden verlengd. De geldigheidsduur van de Eurovergunningbewijzen is gelijk aan die van het originele exemplaar. Als niet meer aan de gestelde eisen wordt voldaan, trekt de NIWO de vergunning in.
Aanvragen
Een aanvraagformulier voor de Eurovergunning kunt u bij de NIWO bestellen of downloaden.
Checklist aanvraag Eurovergunning
Zorg ervoor dat uw aanvraag volledig is, er mogen dus geen stukken ontbreken. Een volledige aanvraag bestaat uit:
- Aanvraagformulier Eurovergunning
- Uittreksel Kamer van Koophandel
- Accountantsverklaring en balans met toelichting
- Kopie vakdiploma binnenlands beroepsvervoer en grensoverschrijdend beroepsvervoer
of beschikking ontheffing - Integriteitverklaring van de rechtspersoon en/of integriteitverklaring van de natuurlijk persoon
Behandeling van uw aanvraag
Na ontvangst van uw aanvraag stuurt de NIWO u een acceptgiro. De behandelingskosten bedragen € 235,00 excl. btw.
Als alle benodigde stukken binnen zijn en het bedrag is ontvangen, wordt er binnen acht weken beslist.
Voldoet u aan alle eisen, dan wordt de aanvraag toegewezen. Bij afwijzing kunt u binnen zes weken bezwaar aantekenen bij de NIWO.
Eurovergunningbewijzen opnemen
Als uw vergunningaanvraag is toegewezen, ontvangt u hiervan een beschikking. Vanaf dat moment kunt u Eurovergunningbewijzen (zgn.Eurokopieën) opnemen voor uw voertuigen. U ontvangt een origineel exemplaar van de Eurovergunning. Het origineel moet op kantoor blijven. U kunt daarvan afgeleide Eurokopieën bij de NIWO opnemen voor uw voertuigen. Deze Eurokopie gaat met het voertuig mee. Dit voertuig mag dan zowel binnenlands als grensoverschrijdend goederen gaan vervoeren voor derden.
Vijfjaarlijkse toetsing
Alle vergunninghouders worden eens in de vijf jaar opnieuw aan de eisen getoetst. Bij Eurovergunninghouders gebeurt dit op het moment dat de Eurovergunning verlengd moet worden. Vergunninghouders die op basis van de overgangsregeling uit de WWG nog alleen over een binnenlandse vergunning beschikken worden elke vijf jaar aangeschreven.
EU-Richtlijn
De toetsing gebeurt op basis van de Europese Richtlijn nr. 98/76/EG betreffende toegang tot het beroep van ondernemer in het vervoer over de weg. Deze Richtlijn trad op 1 oktober 1999 in werking. Autoriteiten van de lidstaten moeten tenminste iedere vijf jaar vaststellen of de ondernemer nog aan de drie eisen voor de toegang tot het beroep voldoet: betrouwbaarheid, kredietwaardigheid en vakbekwaamheid.
Voor de vijfjaarlijkse toetsing gelden dezelfde eisen als bij een vergunningaanvraag:
- Vakbekwaamheid: degene die permanent en daadwerkelijk leiding geeft aan het vervoer, of als dat er meerdere zijn een van hen, moet in het bezit zijn van een erkend vakdiploma voor beroepsvervoer.
- Betrouwbaarheid: de rechtspersoon en/of de natuurlijk persoon moet een integriteitverklaring beroepsvervoer (IVB) overleggen.
- Kredietwaardigheid: de ondernemer dient te beschikken over een risicodragend kapitaal (eigen vermogen en/of achtergestelde lening) van € 9.000 voor de eerste vrachtauto en € 5.000 voor iedere volgende vrachtauto met een minimum van € 9.000, aan te tonen met een accountantsverklaring (bij de vijfjaarlijkse toets worden ook verklaringen geaccepteerd van een lid van de NOAB of het Register Belastingadviseurs).
In geval blijkt dat niet meer aan één of meer van de eisen wordt voldaan, dan is de NIWO gehouden om de vergunning in te trekken. Wat betreft de kredietwaardigheid kan de NIWO echter een uitstel van ten hoogste een jaar verlenen indien de ondernemer kan aantonen dat het waarschijnlijk is dat hij voor afloop van het verleende uitstel wel zal voldoen aan de eis van kredietwaardigheid.
Wet wegvervoer goederen per 1 mei 2009 van kracht
Op 1 mei 2009 is de nieuwe Wet wegvervoer goederen (WWG) in werking getreden. De nieuwe wet vervangt de Wet goederenvervoer over de weg (Wgw). Uitgangspunt van de nieuwe wet is dat er niet meer geregeld wordt dan in Europa is voorgeschreven.
Doelstellingen van de nieuwe wet (WWG)
- Versobering van de regelgeving;
- De inschrijvingsplicht van het eigen vervoer wordt geschrapt;
- Vermindering van de administratieve lasten;
- Verbetering van de handhaafbaarheid van de regelgeving.
Inhoud van de nieuwe wet (WWG)
- Regels voor de toegang tot de markt van het binnenlands en het grensoverschrijdend beroepsvervoer en eigen vervoer in Nederland en het grensoverschrijdend beroepsvervoer dat door de in Nederland gevestigde vervoerders wordt verricht.
- Eisen voor de toegang tot het beroep van beroepsvervoerder voor in Nederland gevestigde vervoerders.
- Taken, inrichting en financiering van de Stichting Nationale en Internationale Wegvervoer Organisatie (NIWO).
- Regels voor het toezicht op de NIWO door de minister van Verkeer en Waterstaat.
- Toezicht op de naleving van de bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving van het bij krachtens de Wwg bepaalde.
- Intrekking van de Wgw met de bijbehorende overgangsbepalingen en met de benodigde aanpassing van andere wetten.
Belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de oude wet (Wgw)
- Aparte vergunning voor binnenlands vervoer vervalt
- De Eurovergunning geldt voor binnenlands en grensoverschrijdend vervoer
- Eis van kredietwaardigheid: minimum wordt verlaagd naar € 9.000
- Eis van betrouwbaarheid: verklaring omtrent gedrag wordt vervangen door integriteitverklaring
- NIWO kan last onder dwangsom opleggen
- NIWO heeft vervoerenquête niet langer als wettelijke taak
- Inschrijvingsplicht eigen vervoer geschrapt
- Invoering van mede-aansprakelijkheid van anderen (bijv. verlader, afzender of expediteur) dan de vervoerder
Wat wijzigt er niet?
In het wetsvoorstel was voorgesteld om de vergunningplicht te laten gelden voor vrachtauto’s met een maximaal toegelaten gewicht van meer dan 3.500 kg in plaats van het toegestaan laadvermogen van 500 kg zoals dat onder de Wgw geldt. Daarnaast was voorgesteld om de eis van dienstbetrekking voor chauffeurs te laten vervallen. Deze voorstellen zijn echter verworpen.
- Ondergrens voor vergunningplicht blijft 500 kg laadvermogen voor binnenlands vervoer
- Eis van dienstbetrekking blijft gehandhaafd
- Vrachtbrief blijft verplicht
Veranderingen voor bedrijven met een Eurovergunning
De Eurovergunning is vanaf datum inwerkingtreding nieuwe wet geldig voor zowel binnenlands als grensoverschrijdend vervoer. De binnenlandse vergunning van de ruim 10.000 bedrijven met een Eurovergunning vervalt, hetzelfde geldt voor de binnenlandse vergunningbewijzen op de voertuigen. Bedrijven die met een deel van hun wagenpark uitsluitend binnen Nederland rijden en voor dit deel alleen een binnenlands vergunningbewijs op het voertuig hebben liggen, kunnen tegen gereduceerd tarief de binnenlandse bewijzen omwisselen voor Eurovergunningbewijzen. Voor verlenging van de Eurovergunning zal onder de nieuwe wet een tarief gelden van € 120. Een Eurovergunning is vijf jaar geldig.
Overgangsregeling voor bedrijven met uitsluitend een binnenlandse vergunning
Voor bedrijven die vòòr inwerkingtreding van de nieuwe wet uitsluitend over een binnenlandse vergunning beschikken geldt een overgangsregeling. Hun binnenlandse vergunning blijft geldig zolang het bedrijf dezelfde rechtsvorm houdt en de vakbekwame bestuurder van het bedrijf niet verandert. Zodra de vakbekwame bestuurder of de rechtsvorm verandert, dan moet er een Eurovergunning worden aangevraagd, waarvoor zowel het vakdiploma binnenland als het vakdiploma buitenland vereist is. Ongeveer 2.200 bedrijven gaan onder deze overgangsregeling vallen.
Verandering voor nieuwe transportbedrijven
Om een bedrijf te beginnen in het beroepsgoederenvervoer over de weg, moet een vergunning aangevraagd worden bij de NIWO. Dat kan onder de nieuwe wet alleen een aanvraag voor een Eurovergunning zijn, waarmee zowel binnenlands als grensoverschrijdend vervoer gedaan mag worden. De bestuurder van de onderneming moet beschikken over het vakdiploma binnenland en het vakdiploma buitenland.
NIWO-vervoerenquête gaat over naar het CBS
De vervoerenquête is onder de nieuwe wet niet langer een wettelijke taak van de NIWO, de gegevensverzameling is niet opgenomen in de nieuwe wet (WWG). Dit betekent niet dat de vervoerenquête komt te vervallen. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) neemt de vervoerenquête in zijn geheel over van de NIWO. Wel is met het CBS overeengekomen dat de NIWO nog enige tijd de afhandeling van de enquêtes, die in 2008 zijn uitgestuurd, gaat verzorgen.
Met ingang van statistiekjaar 2009 vraagt het CBS de gegevens uit bij de beroepsvervoerder. Het CBS doet dit op basis van de CBS-wet en Europese regelgeving. Deze regelgeving betreft de verplichting van elke lidstaat om communautaire vervoergegevens aan het Europese Bureau voor de Statistiek (Eurostat) door te geven. De oude wet verplichtte beroepsvervoerders gegevens over het verrichte vervoer te verstrekken aan de NIWO. De NIWO verzamelde deze gegevens via de zogenaamde vervoerenquête. Om de administratieve lasten te verlichten is de vervoerenquête in de afgelopen jaren al sterk vereenvoudigd. Verdere stappen ter vereenvoudiging en lastenverlichting hebben binnen het CBS de aandacht en zullen naar verwachting in 2009 worden gezet.
Eis van kredietwaardigheid
Eén van de drie kwalitatieve eisen om voor een Eurovergunning in aanmerking te komen is de kredietwaardigheid, de financiële draagkracht van het bedrijf. De nieuwe wet (WWG) sluit aan bij de Europese norm: € 9.000 voor de eerste vrachtauto en € 5.000 voor iedere volgende vrachtauto. In Nederland moet kapitaal aanwezig zijn in de vorm van eigen vermogen en/of een achtergestelde lening. Dit moet aangetoond worden met een accountantsverklaring. De nieuwe wet (WWG) staat bij verlenging van de vergunning ook andere verklaringen dan een accountantsverklaring toe als bewijs van kredietwaardigheid. De NIWO bepaalt nog welke andere verklaringen dat zullen zijn.
Eis van betrouwbaarheid
Eén van de drie kwalitatieve eisen om voor een Eurovergunning in aanmerking te komen is de betrouwbaarheid van de bestuurder(s) van het bedrijf. Onder de nieuwe wet (WWG) geeft de integriteitverklaring invulling aan de eis van betrouwbaarheid. Niet alleen bij de aanvraag van de vergunning en bij de verlenging van de vergunning om de vijf jaar moet een integriteitverklaring worden overgelegd, maar de NIWO kan ook tussentijds bij twijfel over de betrouwbaarheid van een onderneming een integriteitverklaring opvragen. De integriteitverklaring moet worden ingeleverd door de natuurlijke persoon die permanent en daadwerkelijk leiding geeft aan de vervoerwerkzaamheden of door de rechtspersoon/vergunninghouder. De integriteitverklaring komt grotendeels overeen met de verklaring omtrent het gedrag (vog), die onder de oude wet invulling aan deze eis gaf. De verklaring wordt afgegeven door de Minister van Justitie (Covog). Verschil met de vog is dat bij de integriteitverklaring naast de veroordelingen voor strafbare feiten en overtredingen van de vervoerwetgeving ook gekeken wordt naar vonnissen van de burgerlijke rechter wegens overtreding van de CAO-bepalingen. Covog bepaalt aan de hand van een screeningsprofiel of de ondernemer in aanmerking komt voor een integriteitverklaring.
Eis van vakbekwaamheid
Eén van de drie kwalitatieve eisen om voor een vergunning in aanmerking te komen is de vakbekwaamheid van de bestuurder(s) van het bedrijf. Onder de nieuwe wet (WWG) kan dat alleen een aanvraag voor een Eurovergunning zijn. De bestuurder van de onderneming moet beschikken over het vakdiploma binnenland én het vakdiploma buitenland.
Last onder dwangsom
In de nieuwe wet (WWG) is bepaald dat de vervoerder een vervallen of ingetrokken vergunning binnen één week na de vervaldatum of de intrekking moet inleveren bij de NIWO. Hetzelfde geldt voor de op basis van de vergunning afgegeven vergunningbewijzen. De NIWO kan een last onder dwangsom opleggen als niet aan deze verplichting wordt voldaan. Kort gezegd komt een last onder dwangsom erop neer, dat de vervoerder aan de NIWO een bepaald bedrag verschuldigd wordt zolang of zo dikwijls hij niet voldoet aan de verplichting om de vergunning en bewijzen te retourneren. Er zal met terughoudendheid gebruik worden gemaakt van dit instrument. Alleen als er aanwijzingen zijn dat de vergunningbewijzen worden misbruikt, zal worden overgegaan tot het opleggen van een last onder dwangsom.
Inschrijvingsplicht eigen vervoer vervalt
In de nieuwe wet (WWG) is de inschrijvingsplicht voor eigen vervoer niet meer opgenomen. Van eigen vervoer is sprake als vervoer voor eigen rekening wordt verricht en niet voor derden. De inschrijvingsplicht vloeit niet voort uit internationale regelgeving en heeft ook uit het oogpunt van handhaving geen toegevoegde waarde meer. De inschrijvingsplicht was in de oude wet opgenomen om bij controles eigen vervoer van beroepsvervoer te kunnen onderscheiden. Handhavers hebben daar nu andere methoden voor.
Mede-aansprakelijkheid verlader
Via een amendement in de Tweede Kamer is in de nieuwe wet (WWG) de mede-aansprakelijkheid van de verlader opgenomen. De afzender wordt mede-aansprakelijk gesteld voor overbelading indien de afzender een rol heeft gespeeld bij het tot stand komen van de overtreding, doordat hij de vervoerder van onjuiste of onvolledige informatie heeft voorzien, of doordat de afzender bij het laden van het voertuig de aanwijzingen van de vervoerder niet heeft opgevolgd.
Vakbekwaamheid vervoersvergunning
Ter voldoening aan deze eis heeft het Ministerie van Verkeer en Waterstaat het vakdiploma van de Stichting Examenbureau Beroepsvervoer (SEB) aangemerkt als erkend vakdiploma. Per 1 januari 2008 voert de divisie CCV van het CBR de examens uit in opdracht van de SEB. Een ondernemer uit een andere EU-lidstaat dan Nederland mag ook een verklaring van vakbekwaamheid overleggen, die conform artikel 10 van Richtlijn 96/26/EG is afgegeven in een andere EU-lidstaat.
De vakbekwaamheid voor de Eurovergunning kan alleen worden ingebracht door een bestuurder die in bezit is van een vakdiploma voor binnenlands beroepsvervoer en een vakdiploma voor grensoverschrijdend beroepsvervoer. De vakbekwaamheid moet worden ingebracht door degene die vanuit de plaats van vestiging permanent en daadwerkelijk leiding geeft aan de vervoerwerkzaamheden van de onderneming. Dit kan de ondernemer zelf, een directeur of een vennoot zijn. Het kan ook de procuratiehouder of bedrijfsleider zijn, mits vastgesteld is dat deze permanent en daadwerkelijk leiding geeft aan de vervoerwerkzaamheden. De NIWO stelt hiernaar een onderzoek in (lees meer over dit onderzoek). Als meerdere personen leiding geven moet minimaal één voldoen aan de eis.
a. Vakbekwaamheid: aantal uren werkzaam
- Bij grote bedrijven (> 10 vrachtauto’s) fulltime werkzaam in leidinggevende positie.
- Bij kleine bedrijven (≤ 10 vrachtauto’s) redelijk aantal uren werkzaam in leidinggevende positie afhankelijk van aard en grootte van het bedrijf.
- In geval een bestaand bedrijf door uitbreiding komt te vallen in de categorie grote bedrijven, wordt opnieuw getoetst op de vakbekwaamheid.
Gelet op de jurisprudentie van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBB) heeft de NIWO haar beleid met betrekking tot het aantal uren dat de vakbekwaam persoon werkzaam moet zijn in het bedrijf gewijzigd. Niet uitgesloten is dat in eenmanszaken met acht uur leidinggeven kan worden volstaan. In grotere bedrijven zal het leidinggeven in het algemeen een voltijdse aangelegenheid zijn, maar in kleinere bedrijven hoeft dat niet altijd zo te zijn. Het aantal uren dat de vakbekwame persoon leiding moet geven, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. In het oude beleid stond nog dat de vakbekwame persoon bij kleine bedrijven minimaal 20 uren in een leidinggevende positie werkzaam moest zijn.
b. Vakbekwaamheid: geen functie elders
- Geen functie elders, tenzij de omvang van de betrokken ondernemingen dit toelaat en/of de functie in nauwe relatie staat tot de onderneming. In het beleid was opgenomen dat een functie elders is uitgesloten, tenzij de ondernemingen op hetzelfde adres waren gevestigd of dat er sprake was van een concernverband. Volgens het CBB zijn er echter ook andere situaties denkbaar waarin de inbreng van de vakbekwaamheid kan worden gecombineerd met een andere functie. Een functie elders is alleen mogelijk als de omvang van de ondernemingen dit toelaat en/of er een nauwe relatie is tussen de functie elders en de onderneming waar de vakbekwaamheid wordt ingebracht.
c. Vakbekwaamheid: eigen rijder
- In geval in een eenmanszaak zonder chauffeurs in dienst een ander dan de eigenaar de vakbekwaamheid inbrengt, wordt de aanvraag kritisch bezien en wordt op voorhand niet uitgegaan van de aannemelijkheid van de in de aanvraag vermelde taakomschrijving van deze derde.
- De inbreng van vakbekwaamheid door een partner, waarmee de eigenaar duurzaam samenwoont, wordt zonder nader onderzoek geaccepteerd.
Het kan niet worden uitgesloten, dat een derde de vakbekwaamheid inbrengt bij een eigen rijder. Over het algemeen is het echter minder waarschijnlijk dat een ondernemer die voornemens is in het kader van een eenmanszaak bepaalde werkzaamheden te verrichten, een derde belast met de taak om aan de uitvoering van die werkzaamheden leiding te geven. De NIWO gaat daarom in deze gevallen niet uit van de aannemelijkheid van de in de aanvragen om vergunning vermelde taakomschrijving van de vakbekwame persoon en zal de aanvragen kritisch bezien.
Een uitzondering wordt gemaakt voor de inbreng van vakbekwaamheid door de partner van de eigenaar, die zonder nader onderzoek wordt geaccepteerd.
d. Reële vestiging
- De onderneming moet een reële vestiging in Nederland hebben. Dit betekent dat er sprake moet zijn van een daadwerkelijke uitoefening van een economische activiteit door middel van een duurzame vestiging voor onbepaalde tijd. Het beheer en de exploitatie van de onderneming moet geschieden vanuit de vestiging in Nederland. De NIWO stelt al langer de eis van reële vestiging, maar deze eis was nog niet expliciet in het beleid opgenomen. Volgens een uitspraak van het CBB (CBB 11 december 2002, Awb 01/43) is deze eis niet in strijd met Europese regelgeving en mag dus gesteld worden. Teneinde vast te stellen of sprake is van een reële vestiging van de onderneming in Nederland, stelt de NIWO in principe na zes maanden een nader onderzoek in binnen de onderneming. Indien wordt geconstateerd dat er geen sprake is van een reële vestiging in Nederland, kan de NIWO de vergunning voor het beroepsvervoer intrekken.
e. Leiding geven aan het vervoer of aan de onderneming
- Het leiding geven van de vakbekwame bestuurder moet betrekking hebben op de vervoeractiviteiten van de onderneming.
- Bij kleine bedrijven (≤ 10 vrachtauto’s) impliceert het leiding geven aan de vervoeractiviteiten dat ook leiding gegeven wordt aan de onderneming en vice versa.
- Bij grote bedrijven (> 10 vrachtauto’s) en bij bedrijven waar naast vervoer ook nog andere activiteiten worden verricht is voldoende als leiding wordt gegeven aan de vervoerwerkzaamheden en is leiding geven aan de onderneming niet noodzakelijk.
Uit de jurisprudentie van het CBB volgt dat de vakbekwame persoon betrokken moet zijn bij beslissingen inzake uitbreiding van het bedrijf, het aangaan van financiële verplichtingen, het aan- en verkoopbeleid, de aansturing van personeel, het dagelijkse ondernemersbeleid, de relaties met de overheid en de strategie van het bedrijf op de vervoermarkt. Leiding geven aan de vervoeractiviteiten gaat derhalve verder dan alleen de planning verzorgen. Verder kan de functie van leidinggevende niet louter een formele status inhouden. Inschrijving in het Handelsregister alleen is niet voldoende. In sommige gevallen is het denkbaar dat de vakbekwame persoon wel leiding geeft aan de vervoerwerkzaamheden, maar niet aan de hele onderneming. Bijvoorbeeld als het grote bedrijven betreft en/of als binnen de onderneming ook nog andere activiteiten worden verricht dan vervoer.
Betrouwbaarheid
Elke persoon die permanent en daadwerkelijk leiding geeft aan het beroepsvervoer moet een verklaring omtrent het gedrag (VOG) overleggen. Een VOG kunt u aanvragen via de gemeente waarin de betreffende bestuurder van de onderneming (een natuurlijk persoon, geen rechtspersoon) staat ingeschreven. De gemeente voert uw gegevens in en stuurt uw aanvraag door naar het Centraal Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag (COVOG). Dit is het orgaan dat de VOG afgeeft. Bij uw VOG-aanvraag dient u een brief van de NIWO te voegen, waaruit blijkt dat u de VOG nodig heeft voor het aanvragen of verlengen van de vergunning voor beroepsvervoer.
De VOG die u aan de NIWO overlegt mag niet ouder zijn dan drie maanden. Een VOG kunt u alleen aanvragen voor natuurlijke personen (en niet voor rechtspersonen).
Lees meer over het aanvragen van een VOG ....
Een ondernemer of bestuurder uit een andere EU-lidstaat dan Nederland mag ook een verklaring van goed gedrag overleggen, die is afgegeven in die andere lidstaat overeenkomstig artikel 8 van Richtlijn 96/26/EG (laatstelijk gewijzigd bij 98/76/EG). Deze mag ook niet ouder zijn dan drie maanden.
Een vervoersvergunning aanvragen
Vraag hier de benodigde formulieren aan bij de NIWO.
Checklist vergunningaanvraag
Zorg ervoor dat uw aanvraag volledig is, er mogen dus geen stukken ontbreken. Een volledige aanvraag bestaat uit:
- Aanvraagformulier binnenland en/of grensoverschrijdend
- Uittreksel Kamer van Koophandel
- Vragenformulier kredietwaardigheid met accountantsverklaring en balans met toelichting
- Kopie vakdiploma binnenlands beroepsvervoer en/of grensoverschrijdend beroepsvervoer of beschikking ontheffing
- Verklaring omtrent het gedrag van iedere bestuurder van de onderneming
Behandeling van uw aanvraag
Na ontvangst van uw aanvraag stuurt de NIWO u een acceptgiro. De behandelingskosten bedragen € 235 excl. btw voor de Eurovergunning voor (grensoverschrijdend vervoer). Als alle benodigde stukken binnen zijn en het bedrag is ontvangen, wordt er binnen acht weken beslist. Voldoet u aan alle eisen, dan wordt de aanvraag toegewezen. Bij afwijzing kunt u binnen zes weken bezwaar aantekenen bij de NIWO.
Tarieven vergunning beroepsgoederenvervoer over de weg
| Behandelingskosten |
|
Vanaf 1-5-2009 |
| Aanvraag Eurovergunning |
|
€ 235,00 |
| Verlenging Eurovergunning |
|
€ 120,00 |
| Aanvraag wijziging rechtsvorm |
|
€ 165,00 |
| Aanvraag toestemming tijdelijke voortzetting |
|
€ 40,00 |
| Aanvraag blijvende voortzetting |
|
€ 235,00 |
| Afgifte documenten | ||
| Afgifte binnenlands vergunningbewijs |
|
€ 28,35 |
| Afgifte Eurovergunningbewijs |
|
€ 28,35 |
| Heffing per jaar | ||
| Per vrachtauto/vergunningbewijs |
€ 21,50 |
Alle genoemde bedragen zijn excl. btw.
Vergunningbewijzen opnemen
Als uw vergunningaanvraag is toegewezen, dan ontvangt u een origineel exemplaar van de Eurovergunning. Het origineel moet op kantoor blijven. U kunt daarvan afgeleide Eurokopieën bij de NIWO opnemen voor uw voertuigen. Deze Eurokopie gaat met het voertuig mee. Dit voertuig mag dan grensoverschrijdend goederen gaan vervoeren voor derden.
Allerlei vragen over de aanvraagprocedure, vergunningbewijzen, vervoersmogelijkheden.
Is het mogelijk om met een vergunning van een ander te rijden, dus zonder zelf een vergunning te hebben?
Nee, een vergunning is gebonden aan de onderneming waaraan deze is afgegeven en mag niet door derden worden gebruikt.
Is het waar dat koeriers geen vergunning meer nodig hebben voor vervoer boven 500 kg tot 3.500 kg?
Nee. De ondergrens voor de vergunningplicht is niet gewijzigd. Ook m.i.v. de nieuwe wet (WWG) die op 1-5-2009 in werking treedt blijft de ondergrens op 500 kg laadvermogen.
Welke procedure moet ik volgen om mijn huidige auto terug te laten keuren van 750 kg naar 500 kg laadvermogen?
U kunt daarvoor contact opnemen met de RDW te Zoetermeer of Veendam en een verzoek indienen tot verlaging van de maximum massa.
Bestaat er een aparte vergunning voor koeriersbedrijven?
Nee, er bestaat geen aparte koeriervergunning.
Heeft een koeriersbedrijf een vergunning voor beroepsvervoer nodig?
Alleen als het bedrijf voertuigen inzet met meer dan 500 kg laadvermogen. Het laadvermogen is dus bepalend voor de vergunningplicht, niet wat er vervoerd wordt. Is het gewicht altijd lager dan kan men het laadvermogen van de auto laten terugkeuren.
Het gebeurt wel eens dat we een extra auto inhuren of dat we bij onderhoud rijden met een leenauto van de garage. Hoe gaat het dan met vergunningbewijzen?
Een vergunningbewijs is niet gebonden aan een kenteken. Op elk voertuig waarmee u rijdt dient wel een vergunningbewijs op naam van uw bedrijf aanwezig te zijn. Deze vergunningbewijzen mogen dus wel tussen verschillende voertuigen gewisseld worden.
Is voor het vervoer van goederen voor derden, niet zijnde de hoofdactiviteit van de onderneming (dat is nl. vervoer van eigen handelsgoederen) een vergunning van de NIWO vereist?
Ja, bij elk goederentransport voor derden is de vergunning nodig. Alleen als het voertuig een laadvermogen tot en met 500 kg laadvermogen heeft, dan is het niet vergunningplichtig.
Mag je een vergunningbewijs/Eurokopie plastificeren?
Nee, een vergunningbewijs mag pertinent niet geplastificeerd worden. U kunt dan een bekeuring krijgen, omdat het document dan niet zo goed te controleren is.
Ik weet dat de wettelijke termijn voor de behandeling van een vergunningaanvraag maximaal acht weken bedraagt. Bestaat er een kans dat dit sneller gaat? Ik kan dan alvast afspraken maken met opdrachtgevers.
De termijn van acht weken is de wettelijke maximum behandelingstermijn van een aanvraag. Over het algemeen wordt een aanvraag sneller afgehandeld. Een kompleet ingediende aanvraag waarvan de behandelingskosten zijn voldaan, wordt in het algemeen binnen 3 à 4 weken afgehandeld.
Mag ik alvast gaan rijden als mijn vergunningaanvraag nog loopt? Ik voldoe aan alle eisen.
Nee, zolang u niet in het bezit bent gesteld van een vergunning voor beroepsvervoer mag er geen transport voor derden worden verricht.
Hoeveel kost het aanvragen van een transportvergunning? Wat ben ik in totaal kwijt?
De behandelingskosten van een aanvraag om een Eurovergunning bedraagt € 235,00 excl. btw.
Moeten de aanvraagkosten van de vergunning opnieuw voldaan worden als blijkt dat een van de gegevens niet volledig is of niet voldoende is?
Als er sprake is van een nieuwe vergunningaanvraag moeten de behandelingskosten opnieuw worden betaald.
Over tien maanden verloopt onze Eurovergunning. Wat moet ik doen?
Zes maanden voordat de Eurovergunning afloopt krijgt u automatisch een verzoek om verlenging toegestuurd.
Ik heb een brief van de NIWO ontvangen, waarin wordt bevestigd dat onze Eurovergunning wordt verlengd met vijf jaren. Wanneer krijg ik de nieuwe Eurovergunningen toegestuurd, onze huidige vergunningen verlopen over een maand?
De NIWO streeft ernaar om 14 dagen voor de afloopdatum van de oude vergunning de nieuwe vergunningbewijzen toe te zenden.
De laatste jaren ben ik niet meer actief in het vervoer, maar het kan zijn dat ik het later weer wil gaan oppakken. Mijn Eurovergunning verloopt binnenkort. Moet ik mijn Eurovergunning dan nu al verlengen of kan ik in de toekomst mijn vergunning zonder extra kosten terugkrijgen.
De Eurovergunning is vijf jaar geldig en kan op verzoek met vijf jaar worden verlengd. Of er feitelijk gebruik van de Eurovergunning wordt gemaakt is hierbij niet van belang. Als het verzoek om verlenging niet tijdig wordt ingediend, verliest de Eurovergunning haar geldigheid. Een nieuwe Eurovergunning moet worden aangevraagd, waarvoor ook weer behandelingskosten moeten worden betaald.
Wat te doen met verlopen (Euro)vergunningen? Vernietigen of terugsturen naar de NIWO?
Verlopen Eurovergunningen kunnen worden vernietigd.
Wij hebben een van onze vrachtwagens verkocht. Kan ik het vergunningbewijs terugsturen naar de NIWO?
Indien de vergunningbewijzen niet meer worden gebruikt, is het belangrijk dat u deze retourneert, anders blijft u de jaarlijkse heffing betalen.
Een van mijn vergunningbewijzen is zoek. Kan ik een duplicaat krijgen?
Indien u een verklaring van vermissing overlegt kan een vervangend exemplaar worden afgegeven.
Hoe doe ik aangifte van vermissing van mijn vergunningbewijzen?
U kunt aangifte van vermissing doen bij de politie, onder vermelding van de nummers van de vergunningbewijzen. Het proces verbaal van vermissing moet u zo spoedig mogelijk aan de NIWO opsturen, zodat de vergunningbewijzen kunnen worden afgeboekt. Wilt u vervangende exemplaren, dan kunt u dat aan de NIWO doorgeven.
Wat te doen als je het vermoeden hebt, dat er concurrenten zonder vergunning op de vervoersmarkt opereren?
Als u vermoedt dat iemand beroepsvervoer verricht zonder de vereiste vergunning, dan kunt u een klacht indienen bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat, afdeling Handhaving. Telefoon: 030-236 31 31.
Ik heb als rechtsvorm een besloten vennootschap (B.V.) Welke verklaring omtrent het gedrag/integriteitsverklaring moet ik aanvragen?
In geval van een rechtspersoon, zoals een B.V., moet u een verklaring omtrent het gedrag voor rechtspersonen aanvragen. Het aanvraagformulier IVB/VOG-RP moet u indienen bij het COVOG. De bestuurders hoeven in dit geval niet afzonderlijk een verklaring omtrent hun gedrag aan te vragen. Is de vakbekwame persoon procuratiehouder of bedrijfsleider dan moet hij/zij apart een verklaring omtrent het gedrag voor natuurlijke personen aanvragen en het aanvraagformulier IVB/VOG-NP indienen bij de afdeling burgerzaken van de gemeente waar hij/zij woonachtig is. De procuratiehouder of bedrijfsleider moet wel in het handelsregister van de Kamer van Koophandel worden ingeschreven.
Ik heb als rechtsvorm een eenmanszaak. Welke verklaring omtrent het gedrag/integriteitsverklaring moet ik aanvragen?
Een eenmanszaak is een natuurlijk persoon. Daarom moet bij een eenmanszaak een verklaring omtrent het gedrag voor natuurlijke personen (NP) worden aangevraagd. Het aanvraagformulier IVB/VOG-NP moet u indienen bij de afdeling burgerzaken van de gemeente waar u woonachtig bent.
Wat is het verschil tussen een rechtspersoon en een natuurlijk persoon?
Het verschil tussen een rechtspersoon en een natuurlijk persoon is dat een rechtspersoon alleen via een vertegenwoordiger rechtshandelingen kan verrichten. Een natuurlijk persoon kan zelfstandig, dus zonder tussenkomst van een derde, rechtshandelingen verrichten. Beide zijn zelfstandig drager van rechten en plichten. Rechtspersonen zijn onder andere de B.V., de N.V. en de coöperatie.
Waar kan ik de formulieren bestellen om een verklaring omtrent het gedrag/integriteitsverklaring aan te vragen?
Op de website van de NIWO kunt u onder 'Aanvragen' de formulieren rechtstreeks downloaden en uitprinten.
Wat is het COVOG?
Het COVOG staat voor Centraal Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag. Het COVOG valt onder het Ministerie van Justitie. Het COVOG pleegt onderzoek om een verklaring omtrent gedrag af te kunnen geven. Deze verklaring is nodig om aan de eis van betrouwbaarheid te voldoen om in aanmerking te komen voor een vergunning beroepsgoederenvervoer.
Wat is een verklaring omtrent het gedrag/integriteitsverklaring voor rechtspersonen?
Met een verklaring omtrent het gedrag voor rechtspersonen (bijvoorbeeld B.V., N.V. of coöperatie) tonen bedrijven hun integriteit aan. Dit is één van de vereisten voor de aanvraag van een Eurovergunning bij de NIWO.
Ik heb als rechtsvorm een vennootschap onder firma (vof). Welke verklaring omtrent het gedrag/integriteitsverklaring moet ik aanvragen?
De vof is weliswaar geen rechtspersoon, maar wordt in de Wet wegvervoer goederen (WWG) wel gelijkgesteld met een rechtspersoon. Daarom moet in geval van een vof een verklaring omtrent het gedrag voor rechtspersonen worden aangevraagd bij het COVOG.
Ik ben geslaagd voor het vakdiploma. Kan ik nu een vergunning voor beroepsvervoer krijgen?
Met het vakdiploma voldoet u aan de vakbekwaamheidseis. Dat is een van de drie eisen voor de vergunning. Als u ook aan de andere twee eisen voldoet, komt u in aanmerking voor een vergunning.
Ik ben vrijgesteld voor het chauffeursdiploma, omdat ik voor 1 juli 1955 ben geboren. Geldt dit ook voor het vakdiploma, dat ik voor de vergunningaanvraag nodig heb?
Nee, dat geldt niet voor het vakdiploma beroepsvervoer.
Ik ben voor één module van het examen van de SEB gezakt en kan pas over een paar maanden weer examen doen. De betrouwbaarheid en kredietwaardigheid heb ik voor elkaar. Kan ik een tijdelijke vergunning krijgen?
In de Wet wegvervoer goederen (WWG) zijn geen mogelijkheden opgenomen voor een tijdelijke vergunning of ontheffing van de eis van vakbekwaamheid. Pas als alle modules zijn behaald, wordt het vereiste diploma verstrekt.
Het lukt me niet om te slagen voor de module bedrijfsadministratie van het vakdiploma. Kan ik vrijstelling krijgen voor dit onderdeel als ik de administratie van mijn bedrijf door een boekhouder laat doen?
Nee. Vrijstelling wordt alleen gegeven op grond van een vooropleiding.
Ik ben niet langer in dienst van het bedrijf, waar ik de vakbekwaamheid inbracht. Kunt u de registratie van mijn vakdiploma's bij dit bedrijf verwijderen?
Ja. U moet de beëindiging van uw dienstverband wel schriftelijk melden bij de NIWO, zo mogelijk vergezeld van een kopie-uittreksel uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel waaruit e.e.a. blijkt.
Ik ben in bezit van een Engels vakdiploma. Kan ik met deze papieren een transportbedrijf beginnen?
Met het officiële Engelse vakdiploma kan op grond van art.10 van Richtlijn nr.96/26/EG (laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn nr. 98/76/EG) in andere EU-lidstaten aan de eis van vakbekwaamheid worden voldaan.
Kan ik bij twee bedrijven mijn vakdiploma gebruiken?
Het is in principe niet toegestaan de vakbekwaamheid binnen twee ondernemingen in te brengen, tenzij de omvang van de betrokken bedrijven dit toelaat en/of de functie in nauwe relatie staat tot het bedrijf. Het is afhankelijk van de feiten en omstandigheden of de vakbekwame persoon ergens anders werkzaam kan zijn.
Ik heb een vergunning gekregen met een buitenlands vakdiploma. Kan deze vergunning ingetrokken worden als de regelgeving t.a.v. de inbreng van buitenlandse vakdiploma's verandert?
Dat valt niet te verwachten.
Voldoe ik aan de kredietwaardigheidseis als mijn opdrachtgever garant staat?
Nee. Aan de eis van kredietwaardigheid moet worden voldaan door de aanvrager van de vergunning.
Voldoe ik aan de kredietwaardigheidseis als de bank mij een starterskrediet verstrekt?
In de ministeriële Regeling wegvervoer goederen 2009 is bepaald, dat het risicodragend kapitaal slechts kan bestaan uit het eigen vermogen, eventueel vermeerderd met een belegging in durfkapitaal zoals geregeld bij of krachtens de artikelen 5.17 en 5.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001.
Geldt een gekocht vervoermiddel ook als onderdeel van het benodigde vermogen, als hier geen geld voor geleend is / dit geen leasauto is?
Een vervoermiddel dat uit eigen middelen is gefinancierd behoort tot de bezittingen en wordt als zodanig vermeld op de balans. De overwaarde van privé-bezittingen kan - in geval van een natuurlijk persoon - mee worden genomen bij de bepaling van het risicodragend vermogen.
Waar kan ik een RA- of AA-accountant vinden?
RA-acountants zijn aangesloten bij NIVRA, AA-acountants bij NOvAA. Op hun websites kunt u namen en adressen vinden.
Ga naar www.nivra.nl of www.novaa.nl.
Ik ben zzp'er (zelfstandige zonder personeel). Mag ik mijzelf als chauffeur verhuren aan een transportbedrijf?
Volgens de WWG mag een vergunninghouder alleen gebruik maken van chauffeurs die bij hem in loondienst zijn (de zgn. eis van dienstbetrekking). De enige uitzondering is dat de chauffeur via een uitzendbureau wordt ingehuurd. Dat uitzendbureau moet dan wel erkend zijn door de IVW. Een chauffeur kan zich dus niet zelf verhuren aan een transportbedrijf en met diens vergunning rijden zonder daar in dienst te zijn. Een zzp’er die zelf over een vrachtauto beschikt (gehuurd, geleased of in eigendom) wordt aangemerkt als vervoerondernemer en moet zelf over een vergunning beschikken.
De inschrijvingsplicht voor het eigen vervoer is komen te vervallen, moet ik nu een Eurovergunning aanvragen bij de NIWO?
Voor eigen vervoer niet. Alleen als u beroepsgoederenvervoer verricht, dus vervoer in opdracht van derden, heeft u een Eurovergunning nodig. Als eigen vervoerder kunt u bij de NIWO wel terecht voor bilaterale vergunningen (ritmachtigingen) voor vervoer buiten de Europese Unie.
Bij welke belangenorganisaties kan ik terecht als eigen vervoerder?
U kunt bijvoorbeeld terecht bij de EVO voor meer informatie.
Waar kan ik een ontheffing voor bijzondere transporten (> max. maten/gewichten) aanvragen?
De RDW verleent ontheffingen voor binnenlandse transporten en bemiddelt bij internationale transporten. RDW, Afd. Toelating Exceptioneel Transport, tel. 079-3458134. Op de website van de RDW, Toelating Exceptioneel Transport kunt u hiervoor aanvraagformulieren downloaden.
Waar kan ik een verklaring van dienstbetrekking of werkgeversverklaring bestellen?
Dit kunt u downloaden via www.ivw.nl of bellen met telnr. 088-4890000.
Wij zijn verhuisd en nu klopt de tenaamstelling van de vergunningen en -bewijzen niet meer. Kunnen wij nieuwe vergunningen met de juiste naam krijgen?
Ja. Nadat u schriftelijk (mail, brief, fax) heeft gemeld dat de onderneming op een nieuw adres is gevestigd, zullen wij u over de verder te nemen stappen informeren.
Waar kan ik informatie krijgen over rijverboden?
Deze kunt u opvragen bij één van de branche-organisaties, bijvoorbeeld TLN, KNV of VERN.
Wie geeft de CMR-vrachtbrieven uit?
Stichting Vervoeradres, telnr. 088-5522167 of bezoek de website www.beurtvaartadres.nl
Bestaat de SIEV nog?
Nee, de SIEV is sinds 1 mei 2009 officieel opgeheven. De inschrijvingsplicht voor de eigen vervoerder is met het inwerkingtreding van de Wet Wegvervoer Goederen (WWG) komen te vervallen.
Waar kan ik een overzicht vinden van (bewaakte) parkeerplaatsen in Europa?
Via de website www.truckinfo.eu
Wat wordt bedoeld met een: gewaarmerkt kopie Eurovergunning?
Dat is de officiële benaming voor een Eurovergunningbewijs. Het bedrijf bezit het origineel van de Eurovergunning (de moedervergunning) en op de vrachtwagen liggen gewaarmerkte kopieën daarvan. Deze Eurovergunningbewijzen moeten bij de NIWO aangevraagd worden.
Waar kan ik informatie krijgen over het vervoer per trein door Oostenrijk.
Deze kunt u verkrijgen bij een van de vakorganisaties of op internet www.kombiverkehr.de, www.oekombi.at (Oostenrijk-Duitsland), www.hungarokombi.hu (Oostenrijk-Hongarije).
Welke documenten heb ik nodig voor de import en export?
Een overzicht van alle documenten vindt u via de import en export site van de KvK.
Aan de inhoud van deze tekst kunnen geen rechten worden ontleend. De adviezen worden slechts als algemeen voorbeeld gepresenteerd en is niet gericht op toepassing in individuele gevallen. TLEC aanvaardt dan ook geen enkele aansprakelijkheid – uit welken hoofde ook – voor de toepassing ervan in dergelijke individuele gevallen.
